De Islam: geweld of hervorming

Overzicht

Multicultuur & samenleven

Artikel

Door: Necla Kelek

De Islam: geweld of hervorming

een gezaghebbende stem uit Duitsland

vertaling uit de Neue Zürcher Zeitung

Aanslagen in Parijs

Moslims wijzen met ontzetting de gewelddaden af die in naam van hun religie zijn begaan – maar dat alleen volstaat niet. De sociologe Necla Kelek verlangt een eigentijdse interpretatie van het geloof.

Gastkommentaar
van Necla Kelek

De verschrikking van de barbaarse aanslagen door de islamisten in Parijs zit bij iedereen diep, en meteen al hoort men van zogenaamde islamexperten in de talkshows dat dit alles met de islam niets te maken heeft. Al even weinig als de stenigingen in islamlanden zoals Iran, en de zweepslagen in Saudi-Arabië iets met deze religie te maken kunnen hebben. Openlijk waarschuwen mooipraters ervoor om die daden de moslims in de schoenen te schuiven. En ook de vluchtelingen mag men niet te zeer ergeren, want anders zouden ze kunnen radicaliseren. De Islamitische Staat wordt voor krankzinnig verklaard. Met krankzinnigen moet men zoals bekend voorzichtig omspringen, anders worden ze gevaarlijk.

Klaarblijkelijk wil men geen heldere analyse van de toestand, omdat de consequenties niet in het eigen wereldbeeld passen. Men nodigt de godsdienstlerares Lamya Kaddor uit, die niet had opgemerkt dat er in haar klas leerlingen zaten die zich op het pad van de jihad hadden begeven. Nu zou het aan haar zijn om uit te leggen waarom de islam geen schuld treft. Hamed Abdel-Samad daarentegen, die juist een grondig werk over Mohammed heeft afgeleverd en de stelling verdedigt dat moslims zich eindelijk eens moeten bevrijden en voor hun religie verantwoordelijkheid nemen, die wordt over het hoofd gezien. Men wil het niet weten. Bijgevolg zal alles ook enkel nog erger worden.

In de media en de politiek heerst er een mentaliteit die enerzijds het eigen volk voor geen cent vertrouwt, en anderzijds van vreemden die nog nooit een zweem van religieuze vrijheid hebben gekend genezing verwacht van het eigen schuldgevoel. Uiteraard is men tegen de terreur-islam van IS. Maar in de praktijk er iets tegen ondernemen is niet voor meteen. Voor mij is het zo dat in de intellectuele openbaarheid zich in wezen gewoon dat voltrekt wat Michel Houellebecq in zijn roman «Soumission» beschreven heeft.

De islam heeft als religie gefaald. En dat al van in het jaar 622 in Mekka. Mohammed kon de inwoners van Mekka niet overtuigen van zijn deels mystieke openbaringen, en moest zich in Medina terugtrekken. Daar vervelde hij tot krijgsheer en werd zijn boodschap een machtsideologie. Hij en zijn volgelingen begonnen er nu mee, naar het heet in naam van Allah de wereld te veroveren en de tegenstanders te vernietigen. Dat hebben zij met veel succes gedaan, en hun ideologie was lange tijd aan de winnende hand. Wat IS doet, verschilt in principe niet veel van wat de machthebbers van Saudi-Arabië of Iran doen: zij gebruiken de koran als wapen. De koran is het rokende pistool.

Moslims overal ter wereld zijn ontsteld over wat in zijn naam gebeurt. Maar zij doen niet echt iets om hun geloof te bevrijden van de politieke ideologie. Men distantieert zich niet van de verzen in de koran die oproepen tot moord op andersgelovigen. Er bestaat geen theologie die vragen stelt bij de rol van de profeet als krijgsheer. Maar aangezien de islam om het even wat kan zijn, is hij datgene wat in de naam ervan geschiedt. Op hun daden mag je hen beoordelen. Anders gezegd: de islam is wat hij is, en niet dat wat men erover zegt of wat men ervan wenst.

De islam kan enkel tot een religie worden, als hij zich seculariseert. Als hij het geloof niet voor machtskwesties misbruikt. Er zouden moskeeën moeten komen waarin mannen en vrouwen, kernfamilies dus, gezamenlijk zouden kunnen bidden, en waarin de vrouwen niet afgezonderd werden. De moskeeën hebben de plicht, of zouden die moeten hebben, om hun religie als een onderdeel van de burgerlijke samenleving te beleven. Zolang moskeeën aan jonge mannen de verticale maatschappelijke scheiding voorhouden tussen mannen en vrouwen, en de samenleving opdelen in gelovigen en ongelovigen, zolang ontzeggen zij zich de toegang tot de burgerlijke samenleving. De moslims moeten deze religieuze revolutie zelf maken, en zich bevrijden van hun ideologen, voorgangers en bedienaars. Wat er in hun naam in de moskeeën omgaat, moet hen een zorg zijn. De Europese samenleving mag en moet dit kunnen verwachten, zoals zij zichzelf het wegwerken van de dictatuur tot doel heeft gesteld.

Tot het zover is moet zij zich tegen de politieke islam teweerstellen. Niet enkel met bezweringsformules over waarden, maar heel praktisch. Zolang de moslims deze opgave niet aankunnen, moeten er grenzen zijn aan de vrijheid van godsdienst. Er blijft geen andere mogelijkheid over, dan hun verenigingen, moskeeën, koranscholen te controleren. De verenigingen moeten openbaar maken wie hen financiert, en wat daar gepredikt wordt. De moslims moeten nu bewijzen dat zij vreedzaam zijn. Er geldt geen algemene verdachtmaking van moslims, maar het vermoeden van onschuld is er ook niet meer.

(vertaling Marc Vanfraechem)

Twitter:
Afdrukken:
E-mail:

Vindt u dit artikel informatief? Misschien is het dan ook een goed idee om ons te steunen. Klik hier

Alle artikels van Necla Kelek

Alle artikels in de categorie Multicultuur & samenleven